Xanadu
Sommige films opereren volledig binnen hun eigen wereld - The Room, Holy Mountain, Hausu. Films die zo singulier zijn dat ze nauwelijks te vergelijken zijn met wat er verder in hun tijd werd gemaakt. Vanavond openen we het seizoen met een film die in die gesprekken te weinig wordt genoemd: de on(na)volgbare, onvoorspelbare Xanadu (1980).
De cast: Olivia Newton-John als de Griekse godin Kira, Gene Kelly (in zijn laatste filmrol) als voormalig big-band klarinettist, en Michael Beck als arme illustrator. Die laatste twee besluiten samen een club te openen - een plan dat vrijwel direct na hun ontmoeting ontstaat en daardoor moeilijk concreet te maken blijkt.
Xanadu is een oprecht belachelijke film, eentje in de "zo-maken-ze-ze-niet-meer" categorie. De dialoog is bij vlagen een ware opgave, met vaag gebrabbel van een voormalig klarinettist over zijn gloriedagen. Dan, vrijwel onmiddellijk daarna, schiet de film in volledige overdrive met lied en dans, waardoor het nagenoeg onmogelijk is bij te houden wat er allemaal gebeurt. Douglas Carter Beane, auteur van het boek voor de musical die op de film is gebaseerd, verklaart dat als volgt: "Als je Xanadu kijkt, kan je de cocaïne op het scherm voelen." Ook maakt Zeus een kleine verschijning.
Dit is er echt een die je zelf mee moet maken. We vieren dat we wederom wekelijks geopend zijn - en Xanadu is daar een passend begin van. -Ruben











